
Ronnie Stam wil stunten tegen oude liefde.
Ooit hoopte Ronnie Stam profvoetballer te worden bij Feyenoord. Hij zat in één elftal met Robin van Persie, die in de jeugdopleiding zijn boezemvriend was. Nu is hij steunpilaar bij NAC. Met de Bredanaars hoopt hij ten koste van zijn oude club de bekerfinale te bereiken.
Robin van Persie heeft altijd geweten dat Ronnie Stam zou uitgroeien tot een goede profvoetballer. In de jeugdopleiding van Feyenoord dachten velen dat de dreumes uit Breda het niet zou redden. ,,Hij was zo klein, dat was zijn pech,’’ vertelt de Arsenal-spits vanuit Londen.
,,Het jaar dat we samen in de B3 van Feyenoord zaten - dat was eigenlijk de C1, maar we speelden een leeftijdscategorie hoger - heb ik het leukste en mooiste voetbalseizoen van mijn hele jeugd gevonden. In Oostende waren we op een groot toernooi en daar was Ronnie weer reserve, omdat de trainer vanwege zijn geringe lengte niet met hem wilde beginnen. Maar elke keer als hij het veld in kwam, scoorde Ronnie. Toen kon de trainer niet meer om hem heen. De laatste wedstrijden stond hij in de basis en tot vermaak van iedereen werd Ronnie gekozen tot beste speler van het toernooi.’’
Van Persie denkt met plezier terug aan zijn jeugdjaren met het Bredase boefje Stam. ,,Ronnie woonde in de Molukse wijk van Breda. Ik sliep in die tijd elk weekeinde bij hem of hij bij mij, samen met Glenn Loovens in Kralingen. Ik ken zijn moeder Miranda, zijn vader Ron en zijn broer Rudie. Een leuke familie.
,,Wat mij aansprak was dat Ronnie net als ik een echte liefhebber was. Hij was een straatvoetballer pur sang. Daarom is hij nu een bikkelaar, maar tegelijk technisch begaafd. Daarom komt hij nu boven.’’
In de binnenstad van Breda, waar Stam inmiddels een local hero is omdat hij de enige NAC-speler is die hier is geboren en getogen, begint de middenvelder te glimmen als hij hoort dat zijn jeugdvriend Van Persie alle belevenissen van toen nog niet is vergeten.
,,Wat mooi dat Robin daar nog aan terugdenkt. Het was een fantastische tijd. Van mijn dertiende tot achttiende zat ik bij Feyenoord. Ik heb vijf jaar met de trein heen een weer gereisd tussen Breda en Rotterdam-Zuid. Ik zat ook op de Thorbecke-topsportschool, net als alle andere jongens uit mijn elftal.’’
Stam erkent dat hij als jeugdspeler ‘wel héél erg’ klein was. ,,Als ik niet zou gaan groeien, zag het er slecht uit voor mij als prof. De trainer, Jan Gösgens, zag het in Robin en mij zitten. ‘Robin en jij gaan het halen’, zei hij vaak. Hij heeft gelijk gekregen, al hielp het wel dat ik op mijn zeventiende eindelijk een groeispurtje kreeg. Of ik gepest werd met mijn lengte? Kom zeg. Ik ben niet het type dat zich laat pesten, hè.’’
Waar Ronnie Stam de Kuip uit beeld zag verdwijnen en via zijn oude club NAC een omweg moest maken naar een profcarrière, zag hij Van Persie belanden bij Arsenal. ,,Toen ik veertien was, wist ik al dat hij een wereldvoetballer zou worden. Mijn vader en moeder zeiden dat langs de lijn ook vaak. Robin was gewoon een wonderkind. Bij alles wat hij deed, was hij de beste.
,,Gingen we tafeltennissen, dan sloeg hij iedereen zoek. In Breda heeft hij trouwens leren poolbiljarten als de beste. Hij ontdekte een zaak in het centrum hier en daar wilde hij steeds naartoe.’’
Hoewel zijn hart in Breda ligt - Stam zingt zonder schroom live op het podium in de brasserie van NAC - begrijpt hij dat hij vroeg of laat de stad moet verlaten om zijn carrière een nieuwe impuls te geven. Er is genoeg belangstelling voor de rechtermiddenvelder. Onder meer van FC Twente, dat bereid lijkt te zijn een paar miljoen voor hem op tafel te leggen. Stam: ,,Ik ga niet in op clubnamen. Maar het is duidelijk dat dit een interessante fase van mijn loopbaan is.’’