Eeuwige roem door golden goal.

Mike Obiku heeft het gemerkt. Sinds Feyenoord de bekerfinale tegen Roda JC heeft bereikt, wil iedereen terugblikken op 25 mei 1995.

Die dag bezorgde de Nigeriaanse spits Feyenoord voor de laatste keer winst in het toernooi om de KNVB-beker.

Obiku juichend met zijn shirt in zijn hand na de winnende treffer tegen Volendam (2-1). Het beeld staat bij menig supporter van Feyenoord nog helder op het netvlies. Al trok de aanvaller in die periode bij elk doelpunt zijn shirt uit, dát doelpunt schonk hem eeuwige roem in de Kuip.

Hij heeft er zelfs een schilderij van laten maken. ,,Soms bedacht ik al dagen voor de wedstrijd wat ik zou gaan doen als ik zou scoren,'' zo lacht Obiku op Nieuw Terbregge, waar hij zojuist de spitsen van Sparta A1 de fijne kneepjes van het vak heeft bijgebracht. ,,Dat shirt uittrekken mocht toen nog. Het hoorde écht bij mij.''

Net als die dag in Tilburg tegen Willem II, toen Obiku na een treffer in het hek klom voor het vak waar het Rotterdamse legioen feestvierde. Dat hij met zijn handen in de ijzeren punten greep, merkte hij pas nadat er alweer was afgetrapt. Het bloed stroomde over zijn armen.

,,De volgende dag had ik pas écht pijn, toen ik nauwelijks mijn mes en vork kon vasthouden,'' zo grinnikt Obiku.

Inmiddels timmert hij aan de weg als trainer. Over twee maanden rondt hij de cursus Oefenmeester 1 af. Dan is hij bevoegd om als assistent-trainer in het profvoetbal te werken. Tot die tijd kijkt hij in de keuken bij Sparta waar hij onder trainer Jos van Eck ('een uitstekende trainer die het spel heel goed ziet') wekelijks een kijkje neemt bij de zeer getalenteerde lichting van Sparta A1. Hij geniet dagelijks.

Dat deed Obiku ook toen hij op advies van Jorien van den Herik vanuit Cyprus naar Nederland kwam. De aanvaller was daar in 1989 neergestreken en werd de held van Anorthosis Famagusta. Dat was ook Van den Herik, die een bedrijf op het eiland had, ter ore gekomen en hij regelde de transfer naar de Kuip.

,,Ik belde een vriend in België,'' zo kijkt Obiku terug op zijn transfer. ,,Die vroeg bij welke club ik kon tekenen. Ik vertelde hem dat het Feyenoord was en hij wilde meteen ophangen. Hij zei 'Feyenoord is zo groot, die club koopt geen spelers van een club uit Cyprus'. Toen begreep ik dat ik bij een grote club terecht zou komen.''

In de Kuip veroverde hij de harten van de fans, hoewel hij nooit een echte basisplaats kreeg. Zijn brede glimlach, zijn hagelwitte tanden, zijn enorme inzet en de manier waarop hij zijn doelpunten vierde - het legioen kon er geen genoeg van krijgen. Zeker niet toen hij ook nog belangrijke doelpunten ging maken. Zoals op 8 maart 1995 in 020 tegen 020.

De 020'ers waren in die tijd nagenoeg onverslaanbaar, maar verslikten zich in de halve finale van het bekertoernooi in Feyenoord. Ronald de Boer (1-0) en Ruud Heus (1-1) hadden tijdens de reguliere speeltijd de stand in evenwicht gehouden, maar in de verlenging sloeg Obiku toe met een golden goal. Hij passeerde Danny Blind, Frank Rijkaard en Frank de Boer en mikte de bal langs Edwin van der Sar.

,,Ik wist bij die actie precies wat ik deed. Die treffer maakte iedereen die van Feyenoord hield helemaal gek. Ja, ik ben trots op dat moment. De Boer, Blind, Rijkaard en Van der Sar. Geen verkeerde namen toch? Toen ik een paar jaar geleden een kop koffie dronk met Jorien van den Herik vroeg ik hem of mijn doelpunt in de finale tegen Volendam mijn belangrijkste treffer in dienst van Feyenoord was geweest. Ben je gek? zei Jorien. Dat was die goal tegen 020. Die maakte jou onsterfelijk!''

Obiku werd tijdens zijn periode in de Kuip korte tijd uitgeleend aan het Zweedse Helsingborgs IF. Maar toen hij daar negen keer scoorde in veertien wedstrijden, haalde Feyenoord hem snel terug naar Rotterdam. Na Real Mallorca, het Japanse Avispa Fukuoka en AZ en nog een korte periode in Cyprus beëindigde hij zijn profloopbaan.

,,Ger Lagendijk regelde altijd mijn zaken. Heel even ben ik bij hem weggegaan, omdat ik iemand dacht te hebben gevonden die het nog beter zou regelen. Het was een vergissing die mij heel veel geld heeft gekost. Ik ben snel teruggegaan naar Lagendijk. ''

Zijn laatste club in Nederland was AZ. Weer was Willem van Hanegem zijn leermeester. Hij was eerder zijn trainer geweest bij Feyenoord. ,,Na de trainingen in Alkmaar schoof ik bij hem aan en zaten we soms urenlang te praten. Ik had zoveel vragen. Over zijn loopbaan, zijn leven. Hij heeft er voor gezorgd dat ik interesse kreeg in het trainersvak.

,,Als ik voor mijn komst naar Feyenoord had geweten, wat ik nu weet, had ik veel meer doelpunten gemaakt. Ik had in die tijd mijn eigen tactiek, deed maar wat. Na al die cursussen besef ik hoe belangrijk tactiek is, hoe gedisciplineerd je als speler je taak in het systeem moet uitvoeren.''

Maar juist zijn onberekenbaarheid gekoppeld aan zijn ijzersterke lichaam was in de jaren negentig zijn pure kracht. Als trainer kan hij die eigenschappen niet meer gebruiken. Obiku investeert daarom veel tijd in zijn loopbaan als trainer.

,,Bij Feyenoord mocht ik meelopen met de C1 van Michel Valke. Leroy Fer, Luis Pedro, Georginio Wijnaldum. Ze staan nu op doorbreken. Vervolgens liep ik bij Excelsior een jaar mee bij A1 van Marco van Lochem. Met Luigi Bruins en Royston Drenthe. En nu dus bij Sparta.

,,Drenthe is een geweldig voorbeeld voor die jonge gasten. Ze zien dat het razendsnel kan gaan. Ik houd iedereen ook voor nu alle tijd en energie te investeren in hun carrière. Dit is de tijd om een contract te verdienen.''

Als Nigeriaan was zijn avontuur als prof bovenal een manier om aan armoede te ontsnappen. Zijn twee zoontjes, de 12-jarige Mike Obiku junior ('mijn eerste zoon moest naar mij worden vernoemd, dat kon niet anders') en de 8-jarige Toby, voetballen bij WCR. Zij kennen minder drang om door te breken. ,,De jeugd is een beetje verpest, zoveel mogelijkheden zijn er.''

Tot slot peinst hij nog een lange tijd over de vraag wat zijn grootste prestatie als profvoetballer is geweest. Hij kiest voor een gek moment. ,,Jorien van den Herik vertelde mij dat ik voor een unieke gebeurtenis in het betaald voetbal heb gezorgd. Bij mijn golden goal tegen 020 rende Willem van Hanegem als trainer juichend het veld in. Dat had hij na een doelpunt nog nooit gedaan. Toch bijzonder. Of niet?''