
De Guzman pikt het maar niet op
De beschuldigende vingers wezen bij Feyenoord zondag massaal naar scheidsrechter Dick Jol, de man die de ploeg twee keer benadeelde in de meeslepende derby tegen Sparta (3-2). Wie echter wat verder keek dan de rare fratsen van de Hagenaar, zag een nog veel zorgelijker probleem.
Jonathan de Guzman is bezig aan zijn derde volledige seizoen als 'supertalent van Feyenoord', maar steeds nadrukkelijker dringt de vraag op of de middenvelder eigenlijk wel zo goed is als wordt - of werd - beweerd. Tegen Sparta kwam voor de zoveelste keer aan het licht hoeveel de geboren Canadees nog tekort komt voor de echte top.
Twee keer liet De Guzman zijn man lopen bij een tegentreffer. Eerst mocht Nourdin Boukhari zomaar het veld oversteken, op weg naar de 1-1. De Spartaan nam de bal weliswaar duidelijk met de arm mee, het was De Guzman die veel te laat anticipeerde op de lange run van Boukhari. In blessuretijd mocht Marvin Emnes zomaar ontsnappen aan de aandacht van De Guzman, op weg naar de 3-2. 'Veel te gemakkelijk,' oordeelde trainer Bert van Marwijk.
Extra pijnlijk is dat De Guzman recent nog nadrukkelijk werd gewezen op zijn verantwoordelijkheden, door zijn trainer én een aantal ervaren ploeggenoten. Aanleiding was toen de openingsgoal van NEC in de Kuip, toen Brett Holman zomaar het veld mocht oversteken van De Guzman. Dat Marco van Basten de middenvelder kort daarop opnam in de voorselectie van Oranje, leidde intern bij Feyenoord niet voor niets tot cynisme.
De Guzman is weliswaar pas twintig, de excuses beginnen op te raken. Aan de bal was de voetballer dit seizoen een aantal keren beslissend, zoals recent tegen Vitesse en AZ. Maar over de grote lijn valt zijn inbreng tegen, zeker als het gaat om zijn spel zónder bal. Te vaak maakt De Guzman daarin verkeerde keuzes; ofwel door een gebrek aan inzicht, ofwel door een gebrek aan plichtsbesef.
In het moderne voetbal maken juist die aspecten het verschil tussen top en subtop. De Guzman heeft op het eerste gezicht alles: goede techniek, loopvermogen, oog voor de goal en een behoorlijke pass. Wie echter kritischer kijkt, heeft grote twijfels over zijn spelintelligentie en mentale hardheid. Topvoetbal vraagt óók een kritische blik in de spiegel.
Afgelopen seizoen wees Pierre van Hooijdonk hem al hard op zijn tekortkomingen, maar die kritiek werkte volledig averechts. Wat had een invaller nou helemaal te vertellen, vond De Guzman, die niet uitgekafferd wenste te worden. Maar ook de aanpak van routinier Alfred Schreuder – altijd intensief in de weer met jonge spelers – miste zijn uitwerking.
Dat De Guzman dit seizoen wederom weinig op lijkt te pikken van ervaren spelers (Van Bronckhorst, Hofland, Timmer, Makaay, Landzaat), is misschien nog wel pijnlijker. Blijkbaar komt ook de wat zachtere hand niet aan bij de voetballer. 'Op een gegeven moment moet je het wel gaan leren,' zei Van Bronckhorst zondag in Studio Voetbal over De Guzman.
Het gaat te ver om de nederlaag van Feyenoord tegen Sparta slechts op het conto van de Canadese Nederlander te schrijven. Daarvoor was de derby te meeslepend en te onvoorspelbaar. Het duel voltrok zich als een opwindend schouwspel, met voortdurend gevaar voor beide doelen. Voor rust was Sparta minimaal gelijkwaardig, in de tweede helft maakte vooral Feyenoord aanspraak op de zege.
Na fraaie goals van opnieuw Boukhari (de 2-1) en Van Bronckhorst (2-2) hielden de bezoekers een stormloop op het doel van Sparta, maar tot een beslissing leidde dat niet. Ondanks een doelpunt van Luigi Bruins, dat om onduidelijke redenen werd afgekeurd door Jol. 'De scheidsrechter heeft een nadrukkelijke rol gespeeld in de uitslag,' vond Van Marwijk. 'Al moeten we ook gewoon naar onszelf kijken. We hebben het zelf weggegeven.'