Don Leo kan Feyenoord tot leven wekken.
Altijd het laaste Feyenoordnieuws? Sms INFO FEYENOORDLIFE AAN naar 3010 (€0,25 p.o.b) Meer info

Feyenoord zoekt nog naar geld en het wil eerst Mario Been definitief vastleggen, maar het wachten op Leo Beenhakker is begonnen. Alwéér.

Ergens in een bureaula van senior-manager Fred Blankemeijer moet nog een stapeltje foto’s liggen van Leo Beenhakker. Vergeeld zijn ze niet, want ze zijn in mei 2007 gedrukt, speciaal voor de handtekeningenjagers bij de ingang van het Maasgebouw. Op de kleurenfoto’s draagt Beenhakker een Feyenoord-pet op zijn hoofd. Hij kijkt ferm in de camera.

Tijd om ze te signeren had Don Leo niet, want zijn laatste dienstverband in de Kuip duurde precies zeven dagen. Als levende reddingsboei - ‘Noem mij maar Adje Interim’ - waagde hij een poging om een dolend Feyenoord door de play-offs te loodsen, aan het eind van een rampseizoen onder Erwin Koeman. Het lukte niet, maar het waren zeven heerlijke dagen.

Beenhakker schudde veelvuldig het hoofd, woelde door zijn grijze haardos, zuchtte vaak, gaf schouderklopjes, strooide met mooie zinnen en moest na een 1-1 gelijkspel tegen FC Groningen concluderen dat het allemaal vergeefs was geweest. ,,Natuurlijk baal ik van het resultaat,’’ zei hij op zijn laatste persconferentie. ,,Maar voor de rest vond ik het allemaal énig.’’

Eigenlijk past het niet zo, achterom kijken naar Beenhakker. ,,Je moet niet in het verleden leven,’’ zei hij wel eens. De Rotterdammer kijkt liever vooruit. Zo praat hij ook, tussen een kreun en een steun door. Het is te gemakkelijk hem roestige oneliners voor de voeten te gooien, over cirkels die rond zijn en laatste kunstjes. ,,Ik kom nooit meer terug bij Feyenoord,’’ zei hij na zijn ontslag als trainer in april 2000.

Bijna negen jaar later vindt iedereen het doodnormaal als hij straks wéér terugkomt in de Kuip. Als geen ander is hij in staat een terminale club tot leven te wekken, dankzij zijn onnavolgbare vermogen tot communiceren. Beenhakker is vaak weggezet als een toneelspeler, een acteur in zijn eigen wereld. Maar veel relevanter is dat iedereen hem altijd blijkt te geloven, vooral als er geen vleugje houvast of vertrouwen meer over is.

In een interview met de Volkskrant vertelde hij vorig jaar over de kunst van het overleven. De mens, of in elk geval hijzelf, heeft volgens Beenhakker het vermogen nare gebeurtenissen naar de achtergrond te verdringen - zonder ze te vergeten. ,,Laat ik het vergelijken met militaire dienst. Van de 24 maanden was 80 procent een rottijd. Maar als je er later met je ouwe maten over praat, lijkt het alsof je alleen maar lol hebt gehad.’’

Zijn geloofwaardigheid is niet op iedere plek eeuwig houdbaar, maar wel tot in het oneindige te recyclen, zo lijkt het. De huidige Feyenoord-directie heeft het over profielen en processen en zegt ‘vooral geen overhaaste beslissingen’ te willen nemen, maar ook de koffiejuffrouw kan bedenken dat er voor dit Feyenoord maar één kortetermijnoptie over is: Beenhakker.

Bovendien is juist hij de man die de voetbaltechnische janboel straks weer overeind kan trekken als technisch directeur, zoals hij dat tussen 2000 en 2003 bij 020 deed. Ook die club verkeerde destijds in een gecompliceerde crisis, maar tussen zijn feilloze people management door, haalde hij een handvol parels naar de Arena: Maxwell, Ibrahimovic, Trabelsi en Mido. Zelden was de scouting van 020 succesvoller.

Ook zijn dansjes met de 020se club zijn hem in de Kuip allang vergeven, althans, door de niet-verdwaasden. Beenhakker komt overal mee weg, als een soort Houdini met woorden. Jon Dahl Tomasson stak in februari 2000 een woeste middelvinger naar hem op, na een doelpunt tegen Lazio Roma in de Champions League. Destijds een symbool van de vertroebelde relatie tussen trainer en spelers, nog geen jaar na de landstitel van 1999.

Als Beenhakker straks de Kuip weer binnenwandelt, is Tomasson waarschijnlijk de eerste speler die een knuffel krijgt, of toch in elk geval een arm om de schouder. Hij zal geregeld binnenlopen bij de oude vriendelijke reus Fred Blankemeijer, of bij Carlo de Leeuw in het materiaalhok. Zodra Beenhakker de pers toespreekt in vlotte volzinnen, zal niemand nog roepen dat Feyenoord een boegbeeld mist. En misschien wil hij volgend jaar ook de nieuwjaarstoespraak wel voordragen, in plaats van Eric Gudde.

Zijn contract bij de Poolse voetbalbond is het grootste obstakel. In Warschau balanceert Beenhakker steevast op het koord tussen haat en liefde. Lang geadoreerd bij pers en publiek, maar ook geregeld op voet van oorlog met officials en bestuurders. In Polen werd hij in 2007 verkozen tot Man van het Jaar. Een aanstaand vertrek van de succesvolle bondscoach ligt dan ook gevoelig.

Het woord is vooral ook aan Beenhakker zelf, een man die altijd zijn eigen wegen uitstippelde. Toen Feyenoord hem in 1997 riep, kocht hij zelf zijn contract als technisch directeur bij Vitesse af. Want Feyenoord, zo vertelde de arbeidersjongen uit Charlois, dat was toch wel zijn ‘ultieme wens’. ,,Een einde als in een jongensboek,’’ sprak Beenhakker. Iedereen geloofde hem.

Bron: AD.nl




Free counter and web stats
feyenoordlife.nl hyves | Feyenoord Headliner | Contact | Sitemap | Windows Live Alerts |